Voornemen

Deze hoofdrubriek bevat 2 rubrieken:

Deze fase is afgerond. U kunt geen zienswijze meer indienen op het voornemen om een milieueffectrapportage procedure te starten.

De minister van Infrastructuur en Waterstaat maakt het voornemen bekend een m.e.r. procedure te starten gericht op het nemen van een tracébesluit. De m.e.r.-procedure gaat van start met een kennisgeving en het openbaar maken van een notitie reikwijdte en detailniveau. Uiteindelijk is een tracébesluit nodig, maar eerst wordt een verkenning uitgevoerd die zal worden afgerond met een voorkeursbeslissing.

In de eerste fase van de verkenning zijn de problemen, de mogelijke maatregelen en kansrijke alternatieven in beeld gebracht. In een gezamenlijk proces met overheden, weggebruikers, omwonenden en andere betrokken partijen zijn in de eerste fase van de verkenning de knelpunten op de A20 en mogelijke oplossingen in beeld gebracht. Hiervoor zijn verschillende bijeenkomsten gehouden met omgevingspartijen.

In de volgende fase worden drie alternatieven van verbreding van de A20 en aanvullende bereikbaarheidsmaatregelen onderzocht. De notitie reikwijdte en detailniveau (NRD) beschrijft dit proces en hoe de effecten in beeld gebracht worden.

De beoordelings- en besluitvormingsfase bestaat uit een aantal stappen die gezamenlijk de juiste beslisinformatie opleveren voor de minister om eind 2018 een voorkeursbeslissing te kunnen nemen.

Nadat de notitie reikwijdte en detailniveau ter inzage is gelegd, worden de drie alternatieven van verbreding van de A20 en aanvullende bereikbaarheidsmaatregelen uitgewerkt. Vervolgens wordt het doelbereik onderzocht en de effecten op onder andere natuur, milieu, cultuurhistorie worden in beeld gebracht. Er wordt ook een milieueffectrapport opgesteld.

Op basis van de onderzoeken wordt een voorlopig voorkeursalternatief vastgesteld. De besluitvormingsfase gaat over het vaststellen van het voorkeursalternatief – de voorkeursbeslissing. Daarna start de voorbereiding van het ontwerptracébesluit.

Voornemen

Voor het realiseren van nieuwe snelwegen of de aanpassing van bestaande snelwegen is de Tracéwet van toepassing. Dit is ook het geval voor de aanpak van de A20 tussen Nieuwerkerk aan den IJssel en Gouda. Voor het uiteindelijk te nemen besluit (het tracébesluit) wordt een milieueffectrapportage (m.e.r.) uitgevoerd.

De m.e.r.-procedure gaat van start met een kennisgeving en het openbaar maken van een notitie reikwijdte en detailniveau. Er wordt eerst een verkenning gedaan gericht op het vaststellen van een voorkeursalternatief. De informatie wordt opgenomen in een milieueffectrapport. De notitie reikwijdte en detailniveau, die nu ter inzage ligt, bevat:

  • De analyse en beschrijving van het gebruik en de problematiek van de A20;
  • een lijst van mogelijke maatregelen (de ‘long list’) en meekoppelkansen;
  • een beoordelingskader;
  • een beoordeling van de maatregelen aan de hand van het beoordelingskader en het selecteren van drie kansrijke alternatieven;
  • een beschrijving van de drie alternatieven bestaan;
  • een beschrijving van hoe de drie alternatieven uitgewerkt worden;
  • een beschrijving van hoe de effecten van de drie alternatieven in beeld worden gebracht.

Wat gebeurt er daarna?

De zienswijzen worden beantwoord in een participatiedocument. Dat wordt uitgebracht bij de afronding van de verkenning. Volgens de huidige planning wordt dat eind 2018. Hierin wordt vermeld hoe uw zienswijze is betrokken bij de verkenning en ook hoe met de overige participatie tijdens de verkenning is omgegaan. Voor eind 2018 worden er nog meer participatiemomenten georganiseerd. Daarna start de planuitwerking met de opstelling van het ontwerptracébesluit.